dinsdag 3 oktober 2017

lakmoesproef


Een tijdje geleden hoorde ik minister Plasterk het woord ‘lakmoesproef’ noemen. Een beetje een ouderwets woord, net zoals de uitdrukking ‘Pavloveffect’. Met mijn achtergrond als biologiedocent ken ik de oorsprong van die uitdrukkingen wel, al moet ik eerlijkheidshalve toegeven dat ik er bij de vermeende functie van het lakmoespapiertje toch iets naast zat. Ik meende me te herinneren dat wij er op de middelbare school zetmeel mee aantoonden. Toch even spieken op het internet! Fout! Je bepaalt er de zuurgraad van een oplossing mee. De aard van verkleuring van het papiertje is een indicatie voor de zuurgraad (pH).

Mijn leerlingen moesten dat ook doen, zetmeel aantonen. Door een paar druppels jodium toe te voegen aan een oplossing die zetmeel bevat ontstaat een blauw-paarse kleur. Een oplossing met zetmeel en speeksel verkleurt na toevoegen van jodium niet. Het zetmeel is verteerd. Het zetmeel-verterend vermogen van speeksel wordt zo zichtbaar. De vertering een boterham begint al in je mond. Enzymen zorgen voor de omzetting van grote moleculen in kleine. Dit gebeurt in je hele spijsverteringskanaal. 

Enzymen zijn eiwitten. Deze produceert je lichaam zelf, dat is goed geregeld. De code, het recept voor elk eiwit zit in je DNA. Een klein stukje DNA (gen) is de code voor bv. Amylase, het enzym dat zetmeel verteert. Cellen in je speekselklieren produceren het als er behoefte aan is. De alvleesklier heeft cellen die gespecialiseerd zijn in de productie van lipase voor de vetvertering. Maar er zijn daar ook cellen die insuline maken. Insuline is geen enzym maar een hormoon. Het is ook een eiwit. 

Geen bier – geen melk
Op heel veel plaatsen in je lichaam worden dus eiwitten gemaakt. En als die op het juiste moment in de juiste hoeveelheden gemaakt worden gaat alles goed. Helaas … dat is niet altijd zo. Sommige mensen krijgen klachten (misselijkheid, diarree) na het nuttigen van melkproducten. Zij kunnen lactose (melksuiker) niet omzetten omdat ze het juiste enzym, lactase, missen. Lactose-intolerantie lijkt uitzonderlijk maar in Azië en Afrika is het eerder regel dan uitzondering. Melkdrinken lijkt een evolutionaire aanpassing van volkeren die ‘melkafhankelijk’ zijn. Dus eigenlijk is het uitzonderlijk dat je, na je zuigelingentijd, WEL melk kunt verdragen.
Geen melk kunnen verdragen is jammer, maar geen bier ….dat is echt pech hebben. Wat alcohol betreft hebben veel Japanners dubbel pech. De afbraak van alcohol gebeurt door twee enzymen. Het eerste enzym, ADH ( ..) is bij hun veel actiever waardoor ethanol versneld omgezet wordt in acetaldehyde. Het tweede enzym ALDH (aldehyde dehydrogenase) werkt veel trager waardoor acetaldehyde langzamer wordt verwerkt. De opstapeling van acetaldehyde veroorzaakt de dronkemanssymptomen en zelfs een risico op lichte alcoholvergiftiging. Dus beter geen bier voor die Japanners. 
Als er getwijfeld wordt aan de kwaliteit of de invloed van iets kan een ‘lakmoesproef’ uitkomst brengen. Het is ook een test of iets écht deugt. De reactie van een Japanner op het nuttigen van een paar biertjes zegt iets over zijn ADH en ALDH-productie. Dat is dus eigenlijk een lakmoesproef? 
Als hij bij het zien van bier al misselijk wordt dan is dat een Pavloveffect.


maandag 17 juli 2017

alles met alles

Alles in je lichaam hangt met elkaar samen / staat met elkaar in verbinding / heeft invloed op elkaar. Het verband wordt onderhouden door snelle en langzame berichtgeving. Door de juiste actie op de berichten blijft het systeem goed functioneren. Niks aan de hand dan dus! Als berichten niet of gebrekkig doorkomen komen er problemen….. 
Een beetje vaag, of niet? Concreet: een verdoofde zenuw bij de tandarts maakt dat je op je wang bijt zonder dat je het voelt, een doorgesneden zenuw zorgt voor verlamming en/of gevoelloosheid.
Deze voorbeelden gaan enkel over het zenuwstelsel. Er zijn nog meer systemen die signalen doorgeven zoals het hormoonstelsel en het bindweefsel.

het zenuwstelsel
De snelste informatie gaat door het zenuwstelsel. Het is een enorm netwerk van kabeltjes (neuronen) door het hele lichaam. De elektrische stroom verplaatst zich razendsnel. Als je met je voet in een spijker trapt voel je dit vrijwel onmiddellijk. Als het goed werk is het fantastisch. Een storing kan gelijk hele ernstige gevolgen hebben. Als een zenuw doorgesneden is kan hij niet meer herstellen. 

Bindweefsel is, de naam zegt het al, verbindend weefsel. Het zit echt overal in je lichaam. De structuur is verschillend. Het varieert van vloeibaar tot vast. Pezen, peesplaten en omhulsels van spieren noemt men fasciaal weefsel. Het bindweefsel bevat stoffen / eigenschappen /structuren die elektrische stroom kunnen geleiden. Dus ook fascia spelen een rol in de signaaloverdracht. En een belangrijke, daar komt men steeds meer achter. Het bindweefselsysteem vormt een ononderbroken netwerk in het lichaam van mensen, maar ook honden, paarden, konijnen en noem maar op. Blokkades in het bindweefsel op de ene plek kunnen problemen opleveren op een andere ver daarvan afgelegen plek. Meridianen volgen de fasciaplaten. Acupunctuur of acupressuur activeren de acupunctuurpunten op de meridianen en de signalen gaan door het meridiaan stelsel. Bindweefsel kan gestimuleerd worden door mechanische stimulatie. De zogenaamde piëzo-electriciteit zorgt voor het op gang komen van een elektrische stroom. Allerlei myofasciale technieken (behandelwijzen van het bindweefsel) zijn hierop gebaseerd. Ze lossen verdichtingen/ blokkades in het bindweefsel op. 

Het piëzo-elektrisch effect is het verschijnsel dat kristallen van bepaalde materialen onder invloed van druk, bijvoorbeeld door buiging, een elektrische spanning produceren en andersom: er zijn materialen die vervormen als er een elektrische spanning op wordt aangelegd. Het woord piëzo is afgeleid van het Griekse woord piezein, wat drukken betekent. 
Bron: Wikepedia

Hormonen zijn van een heel andere orde. Het zijn eiwitten en worden als het ware op bestelling gemaakt. Het hormoonstelsel werkt relatief traag. Specifieke hormoonklieren maken specifieke hormonen. Zo maakt de alvleesklier insuline dat na een maaltijd zorgt voor de tijdelijke opslag van suiker in spieren en lever en dat de cellen laat weten dat ze suiker op kunnen nemen. De bijnier, een hormoonklier die op de nieren ligt, maakt onder andere adrenaline. Dit hormoon (dat overigens wel heel snel aangemaakt wordt en ook snel werkt) zorgt dat je bij gevaar snel in actie kan komen. Hier is de samenwerking zenuwstelsel – hormoonstelsel mooi te zien. 
Het schildklierhormoon thyroxine regelt de verbrandingssnelheid. Een traag werkende schildklier zorgt voor een lusteloos, sloom gevoel. Je hebt weinig energie.



Dan zijn er ook nog allerlei sensoren in het lichaam. In de halsslagaders en de aortaboog  zitten bv sensoren die onder andere het koolstofdioxidegehalte in het bloed meten. Wordt dit te hoog (bij inspanning) dan versnelt de ademhaling. In spieren en pezen zitten sensoren die de spierspanning signaleren.

Er is voortdurend signalering en reactie in het lichaam. Wat ik hierboven beschreven heb is maar een fractie van wat er allemaal gebeurt. Als je er goed over nadenkt is het een ingenieuze machine. Nou nee, niet echt een machine want het lichaam heeft nog een extra dimensie. Het bewustzijn, de geest, de psyche. De invloed hiervan op het functioneren van het hele ‘systeem’ is heel groot. 

Wat wil ik nu eigenlijk zeggen met alles wat ik hierboven opgeschreven heb? Dat het lichaam een enorm complex en dynamisch systeem is met ontelbare connecties, samenwerkingen, verbanden, signalen reacties. Dat het een wonder is dat het zo goed functioneert. Dat als het ergens misgaat het op meer vlakken mis moet gaan omdat alles elkaar beïnvloedt. Het dus vaak moeilijk te zeggen is WAAR het misgaat - wat is oorzaak, wat is gevolg? 
De uitdaging is om het systeem goed te laten functioneren. Maar als er een probleem ontstaat is er die andere uitdaging. Het oplossen ervan. Nou ja, een gebroken been of een diepe vervuilde wond …. duidelijk! Maar chronische vermoeidheid, stoelgangproblemen, duizeligheid etc. ….?? De enige oplossing is het herstel van het hele systeem. 

Welke geneeswijze past hierbij? 




donderdag 8 juni 2017

Magnesium voor je spieren



Met het mooie weer van de laatste tijd is het heerlijk om weer eens een rondje te fietsen. Soms heb ik de volgende dag een beetje last van zware, wat vermoeide benen. Melkzuur kan het eigenlijk niet zijn want ik fiets met een gematigde snelheid, in het aerobe gebied. Nou ja, af en toe een heuveltje, maar dat melkzuur trap ik er wel weer uit op het vlakke stuk. Wat ik zo af en toe eens doe is een voetenbadje in een oplossing van Magnesiumvlokken. Magnesium is goed voor van alles maar zeker voor de werking van je spieren. Het is niet alleen goed maar gewoon onmisbaar.

Bij elke spiercontractie moeten de myosinekopjes zich hechten aan het actine. Actine en myosine, de twee spiereiwitten moeten over elkaar glijden. Calcium zorgt ervoor dat de aanhechtingsplaats voor de myosinekopjes op het actine vrij gemaakt worden (zie artikeltje 27/2). Magnesium hecht aan het myosinekopje en zorgt ervoor dat de energie uit ATP gebruikt kan worden. ATP splitst nu in ADP en P en de energie komt vrij, het myosinekopje vervormt. Het myosinekopje hecht aan actine, schuift de twee spiereiwitten over elkaar (actine en myosine). Dit is dus de spierbeweging. ADP en Magnesium verlaten het myosinekopje.
Als ATP zich weer bindt aan het myosinekopje laat het kopje weer los en kan alles weer opnieuw gebeuren.
Als je dit zo leest kun je je er misschien helemaal niets bij voorstellen. De afbeelding hieronder verduidelijkt het hopelijk een beetje.
(Calcium is het gele bolletje, ATP is het groene bolletje en Magnesium is het grijze piramide-vormpje) 

In elk geval …. Je kunt wel genoeg ATP-tjes hebben maar als er geen magnesium is kan de spier de energie uit ATP niet vrijmaken. 
Nu vraag ik me wel af waarom Magnesium-olie op je huid smeren of een (voeten)bad in een Magnesiumoplossing beter werken dan het slikken van Magnesium-tabletten.

     

  
     















donderdag 18 mei 2017

Genetica + ....... = Epigeneteca



“Van achthonderd kinderen die tijdens of vlak na de hongerwinter werden geboren in het Amsterdamse Wilhelmina Gasthuis, werd jarenlang nauwgezet de gezondheid onderzocht. Zij bleken een veel grotere kans te hebben op tal van ernstige aandoeningen, zoals hart- en vaatziekten, suikerziekte, nierproblemen en borstkanker. Aanpassing van de foetus aan de ondervoeding in de baarmoeder speelt een rol, evenals het gebrek aan bouwstenen voor de aanleg van organen.”   
Bron: Ellen de Visser, 2009 De Volkskrant. Een hongerwinterkind blijft een ziekelijk kind.

Alweer zo’n 8 jaar geleden kwam ik het artikel over de gevolgen van de hongerwinter op kinderen van moeders die tijdens hun zwangerschap honger geleden hadden. Later bleek ook dat hun kinderen dezelfde gezondheidsrisico’s lopen. De opgelopen schade is dus erfelijk. Men ontdekte dat genen aan- of uitgeschakeld kunnen worden en dat dit veroorzaakt wordt door omstandigheden van buitenaf. Wat je erft is niet alleen afhankelijk van je genen maar ook nog van de veranderingen van de genexpressie door invloeden van allerlei factoren. Het vakgebied wat hierbij hoort is de epigenetica. Epi betekent “op”. Het is dus genetica+. 

Dus de erfelijke informatie, die bepaald wordt door de lettercodes in het DNA, is niet allesbepalend. Door methylering (dit is een soort afdekken van stukken DNA) kunnen genen veranderen. Methylering kan verantwoordelijk zijn voor allerlei chronische ziekten. Diabetes type 2 is er één van. Hiermee ga je dus anders kijken naar voeding en zeker naar voeding tijdens de zwangerschap. En niet alleen voeding. Ook andere factoren zoals stress, medicijngebruik, straling  en zelfs de sociale omgeving waarin je leeft blijken van grote invloed op je gezondheid en je functioneren. Onderzoeken met muizen laten zien dat een zogenaamde ‘rijke’ omgeving (een omgeving met veel uitdagingen, mogelijkheden en variatie) zorgen voor een beter geheugen en groter leervermogen van de diertjes. 

Eigenlijk worden dingen die al lang bekend waren nu wetenschappelijk onderbouwd. Het wordt nu moeilijker om slechte gewoonten te relativeren omdat er bewijs is dat deze zeker invloed kunnen hebben op de manier waarop je genen hun werk kunnen doen.

Evolutie
Ook de kijk op de evolutie krijgt hier toch een draai. Waar we eerst dachten dat alleen de best aangepasten de grootste kans op nageslacht had, waardoor deze genen doorgegeven werden blijkt dat de aanpassing tijdens het leven te kunnen plaatsvinden en doorgegeven te worden. Dit lijkt op een enorme versnelling. Dit is misschien een antwoord op de twijfel van velen dat alleen de uitzonderingen verantwoordelijk zijn voor de evolutie van een soort. De ideeën van evolutiebioloog Lamarck waren zo gek nog niet. Hij beweerde dat giraffen tijdens hun leven een lange hals ontwikkelden omdat hun voedsel zo hoog hing. Het idee erachter blijkt zo gek nog niet. 
Door veranderingen in de expressie van genen, die ook nog erfelijk zijn, verloopt de evolutie van een soort veel sneller dan wanneer er toevallig één of enkele aangepaste exemplaren voorhanden zijn die de voor een veranderende soort zorgt.

De wetenschap over erfelijkheid is nog relatief jong. En van epigenetica nog jonger. Wie weet wat er nog meer volgt?
Tijdens mijn werk in het onderwijs zag ik het aantal kinderen met ADHD, ADD en dyslexie snel toenemen. Ik vroeg me af of er inderdaad een toename is of dat de diagnostiek zoveel verbeterd is? Maar een epigenetische oorzaak is natuurlijk zeker niet uit te sluiten.


Erg interessant om te lezen:
http://www.medischdossier.org/archief/jaargang_12/nummer_2/artikel_581/dossier-erfelijkheid-epigenetica-en-dna-een-nieuw-gezondheidsparadigma.html
http://exendo.be/epigenetica/


woensdag 10 mei 2017

over acupunctuur ...

Meridianen
Als je iets aan je oog mankeert richt je je op je oog. Je spoelt met gekookt water of je doet er een zalfje in. Het komt niet in je op om de buitenkant van het puntje van je pink te masseren. Toch zou dat heel goed kunnen helpen. Daar ligt namelijk het beginpunt van de Dunne darm-meridiaan. 
Als je wel eens een acupunctuurbehandeling hebt gehad weet je dat de naalden vaak niet in de buurt zitten van de plek waar de klacht zit. De naalden worden geprikt op acupunctuurpunten. Deze liggen op de zogenaamde meridianen. Meridianen zijn de energiebanen in je lichaam. De ‘meridiaan-Qi’ stroomt erdoor. De meridianen vormen een netwerk die de Qi vervoeren. Er zijn 12 meridianen die ieder invloed hebben op een bepaald orgaan. Ze liggen voor een groot deel vrij dicht onder de huid en de acupunctuurpunten liggen op deze 12 meridianen. Door een naald in een acupunctuurpunt te prikken beïnvloed je de Qi.  Er  zijn nog acht andere/bijzondere meridianen  die dieper liggen. Deze meridianen zijn niet verbonden met een orgaan. Twee ervan bevatten ook acupunctuurpunten. De bijzondere meridianen vormen een verbindend netwerk voor de 12 orgaanmeridianen. Ze dienen als een soort Qi-buffer; slaan een tijdelijk overschot op en als er een tekort is geven ze het weer af. 

Qi in balans door acupunctuur
TCM (Traditional Chinese Medicin) heeft (oorspronkelijk) als doel om de patiënt gezond te houden, dus te voorkomen dat er ziekte ontstaat. Voordat je echt ziek wordt is er al iets gaande. Er is niet in orde met de Qi. Vaak is dat een tekort.
De arts kan een tekort aan bijvoorbeeld leverenergie en/of miltenergie constateren en dit tekort opheffen door bepaalde punten te behandelen. De energiehuishouding is weer in balans, ziekte blijft uit. 
In mijn omgeving ken ik niemand die ‘preventief’ naar een acupuncturist gaat. Wij gaan pas als we iets mankeren, als er een klacht is. En dan gaan we eerst nog naar de ‘gewone’ arts. Pas als we niet van de klacht af komen gaan we verder zoeken. Het alternatieve / complementaire circuit. De keuze is reuze! Veel methoden zijn nog vrij jong, zo niet de TCM, waar acupunctuur deel van uit maakt. Het bestaat al duizenden jaren. Gek eigenlijk dat we er nog maar zo weinig gebruik van maken! 

Acupunctuur is een kunst
Er bestaan honderden acupunctuurpunten. Elk punt heeft meerdere functie. Dan hebben ook nog bepaalde puntencombinaties een bijzondere werking. Je zou kunnen denken dat zoveel mogelijk punten behandelen de grootste kans op genezing biedt. Een patiënt omtoveren tot een speldenkussen werkt helaas niet. 
- Less is more? -
Niet elke acupuncturist behandelt dezelfde punten voor een bepaalde klacht. Inzicht, kennis, ervaring en voorkeur van de arts bepalen de puntkeuze. Maar het begint met een goede diagnose. Naast een aantal algemene verschijnselen en het verhaal van de patiënt is de pols- en tongdiagnose heel belangrijk. De pols wordt gevoeld aan beide kanten op drie plekken. Elke kant vertegenwoordigt drie organen. Allerlei eigenschappen van de polsslag vertellen iets over de energetische toestand van de organen. Bij de tongdiagnose is het de kleur van de tong en de vorm, aard en hoeveelheid ‘beslag’ die de toestand van de patiënt verklapt. 


Jezelf behandelen
Je kunt ook zelf acupunctuurpunten behandelen door er druk op uit te oefenen met je vingers. Dit heet acupressuur. En ja, het internet …. daar kun je ze vinden, die punten voor zelfbehandeling.

Als ik bij de mondhygiëniste in de stoel zit masseer ik stiekem altijd mijn ‘Dikke Darm-4’punt bij het (pijnlijke) tandsteen verwijderen. 
Het verdooft een beetje! 


donderdag 27 april 2017

Rook niet!

Vitamine C
Twee stuks fruit per dag. Dat moet je eten voor je Vitamine C. Vitamine C is gezond en zorgt ervoor dat je niet ziek wordt. Het verhoogt je weerstand. Maar hoe? Vitamine C is een antioxidant. “Boordevol antioxidanten”  -  een slogan, term, belofte. Je treft het aan op talloze verpakkingen en je ziet en hoort het in reclames voor allerlei  voedingsmiddelen.
Anti-oxidanten, ja ik heb ooit geweten wat het zijn en hoe ze werken, maar precies weet ik het niet meer. Ik ben dus maar eens op zoek gegaan.

Anti oxidanten
‘Anti-oxidanten” wil zegen ‘tegen’ oxidanten. Dit impliceert dat oxideren iets schadelijks is.Oxideren – oxide = zuurstof. Gek eigenlijk. De onmisbare zuurstof heeft dus ook een negatieve kant. 
Om ATP (= energie) te maken is verbranding nodig. O2/Zuurstof en brandstof zorgen voor de productie van ATP waarbij CO2/koolstofdioxide en H2O/water ontstaan.
Bij de verbranding fungeert zuurstof als elektronen acceptor, bindt waterstof en er ontstaat H2O. Als dat, huppakee, in één keer zo zou gaan is er niets aan de hand, maar dat is dus niet zo. Onderweg ontstaan tussenproducten die reactief zijn. Dit zijn de oxidanten ofwel de (vrije) radicalen.
Vrije radicalen missen een elektron en daar gaan ze naar op zoek. Ze vinden een elektron door te reageren met / zich te binden aan een andere stof. Door die verbinding verandert die andere stof. Dat kan bv DNA zijn. Als DNA verandert - verandert ook de werking en dat kan kwalijke gevolgen hebben. Vrije radicalen reageren ook met eiwitten en vetten. Vrije radicalen kunnen celwanden en cellen beschadigen. Ze zijn o.a. verantwoordelijk voor versnelde veroudering. 


Vrije radicalen als verdediging
Het lichaam produceert ook doelbewust vrije radicalen. Dit doen cellen die actief zijn bij immuunreacties en ontstekingen. Radicalen kunnen immers celwanden aantasten en cellen vernietigen. Fagocyten, de zogenaamde ‘vreetcellen’, sluiten lichaamsvreemde stoffen zoals bv bacteriën in en vernietigen ze met hun enzymen en de radicalen. In het geval van een ontsteking neemt de verbranding ter plaatse enorm toe. De zuurstofopname wordt daar dan wel 50x zo groot en er worden dus ook grote hoeveelheden radicalen gevormd die de bacteriën te lijf gaan.























Radicalen onschadelijk maken
Ik sta er steeds weer versteld van hoe goed alles in ons lichaam geregeld wordt. Het systeem checkt en balanceert de productie van vrije radicalen. Radicalen worden ‘weggevangen’ door speciale enzymen. Er is nog een groep stoffen met anti radicale werking. Op die laatste groep, ik heb het dan over de vitamines C en E, Glutathion en Bètacaroteen, kun je zelf invloed op uitoefenen door bewust te eten!. Het zijn allemaal stoffen die je met een gezonde en gevarieerde voeding kunt opnemen. Ook van de sporenelementen Zink, en Seleen is een antioxidantwerking aangetoond. Het internet is weer de aangewezen plek om uit te vinden wat je moet eten om de genoemde stoffen binnen te krijgen.

Oxidatieve stress
Als het goed is kan het lichaam de vrije radicalen die ontstaan dus zelf opruimen. Als er echter heel veel ontstaan die hun gang kunnen gaan heb je een probleem. Dit heet oxidatieve stress. Radicalen ontstaan niet alleen tijdens de verbranding van voedingsstoffen maar ook door, ozon, en blootstelling aan Uv-straling. Zware metalen (ijzer, koper, cadmium, nikkel, lood, kwik, arsenicum) bevorderen het ontstaan van vrije radicalen. Tabaksrook bevat veel vrije radicalen. Rokers moeten zorgen dat ze extra vitamine C binnen krijgen.
Oxidatieve stress speelt een rol bij veel ziekten en aandoeningen. Kanker, neurologische aandoeningen, hoge bloeddruk, diabetes en tal van ademhalingsziekten  zijn hier voorbeelden van. 
Het ligt niet in mijn aard om nuttige adviezen te geven maar ik doe het nu toch een keer. Hier komt ie ……

Eet gevarieerd, eet veel groenten en fruit en  - - - - ROOK NIET!



maandag 17 april 2017

Pijntje hier - pijntje daar

Herken je dit lezer; er is altijd wel iets waar je last van hebt. Pijn in je schouder, in je pols, een stijve onderrug en nog wel meer. 
Als ik ga paardrijden stap ik altijd op met een krukje. Dat doe ik al jaren. Als ik dat niet doe krijg ik pijn in mijn linker heup. Ik heb lang geleden al eens röntgenfoto’s laten maken maar er was niks afwijkends te zien. En die heup bleef toch af en toe opspelen. Jaren later vond ik op internet een manier om van de pijn af te komen. Masseren van de m. piriformis ofwel de peervormige spier m.b.v. van een balletje. Het helpt echt. Er ontstaat daar schijnbaar af en toe een triggerpoint.

Nog niet zo heel lang geleden werd het fenomeen ‘triggerpoints’ ontdekt. Triggerpoints kunnen de oorzaak zijn van veel van onze klachten en pijntjes. Ik kreeg een tip om het Handboek triggerpoint therapie van Clair Davies & Amber Davies aan te schaffen. Dat heb ik gedaan. Het is een heel toegankelijk boek. Het is best dik, Nederlands geschreven en niet duur. Je vindt er zowel achtergrondinformatie over triggerpoints als praktische beschrijvingen over hoe je zelf je pijnklachten kunt oplossen of in elk geval kunt verminderen.

Triggerpoints zijn plekken in een spier die blijvend samengetrokken zijn. De bloedtoevoer is sterk verminderd waardoor zuurstof en brandstof geen toegang meer hebben tot die plek. Dat betekent dat er plaatselijk geen ATP gemaakt kan worden. Bij een spiercontractie zorgt ATP voor het loskoppelen van het Myosinekopje van het Actine (de energie uit ATP beweegt het kopje zie artikeltje ‘Strak’ 20/2). En als op de ene plaats in de spiervezel een ‘knoop’ ontstaat betekent dat, dat het aangrenzend gedeelte van de spiervezel sterk uitgerekt is. Zo zorgt de knoop voor pijn; meestal verderop in de spier of een gewricht.
De oorzaak van pijn in je pols of in de elleboog kan een triggerpoint in bijvoorbeeld je onderarm  zijn. Het schijnt zelfs dat een vermeende slijmbeursontsteking, artrose of zelfs een carpaal tunnelsyndroom vaak toe te schrijven zijn aan triggerpoints.
Triggerpoints kunnen ontstaan door door overbelasting, een ongeval, langdurig werken in dezelfde houding, gebrek aan beweging, overgewicht en nog veel meer. In het boek van Clair en Davies staat dit heel goed beschreven
Maar denk niet dat je triggerpoints kunt zien en meestal voel je ze ook nog eens niet. Pas als je erop drukt voel je dat er iets aan de hand is op die plek. Het doet pijn!

Het behandelingsprincipe is eigenlijk vrij eenvoudig; de circulatie op die plek verbeteren waardoor zuurstof en brandstof weer toegang krijgen tot de plek. Er wordt weer ATP gevormd en de Myosinekopjes komen los van het actine: de spier ontspant weer. Door op het punt te drukken of het punt te masseren bevorder je de doorbloeding. Je kunt je vingers gebruiken maar een balletje eroverheen rollen werkt ook goed. In het boek vind je nog een aantal andere hulpmiddelen  die je kunt gebruiken voor moeilijk bereikbare plekken.

Dry needling, een techniek die ook in de paardenwereld steeds meer gebruikt wordt, is ook een manier om triggerpoints te behandelen. Het triggerpoint wordt met een acupunctuurnaald ‘aangeprikt’. De prik met de naald veroorzaakt een reactie waardoor circulatie en daarmee aanvoer van voedingsstoffen en zuurstof weer op gang komen. Het precieze mechanisme van dry needling is complex en nog niet helemaal bekend. Zelf heb ik er geen ervaring mee maar ik hoor en lees er veel positiefs over. 

Triggerpoints behandelen is één. Belangrijk is dat je op zoek gaat naar de oorzaak. Hoe komt het dat ze ontstaan op die plek? Maar door je triggerpoints zelf te behandelen doorbreek je vaak een negatieve spiraal en los je je pijntje gewoon zelf op. 

Ik kan erover meepraten.